Chad Harbach – The Art of Fielding. Londen, Fourth Estate, 2012, 605 pagina's. 2011 (VS), 2012 (UK).
A wonderful, warm novel from a major new American voice.In The Art of Fielding, we see young men who know that their four years on the baseball diamond at Westish College, "a little school in the crook of the thumb of the baseball glove that is Wisconsin," are all they have left of their sporting careers. Only their preternaturally gifted fielder, Henry Skrimshander, seems to have the chance to keep his dream – and theirs, vicariously – alive, until a routine throw goes disastrously off course, and the fates of five people are upended. After his throw threatens to ruin his roommate Owen's future, Henry's fight against self-doubt threatens to ruin his; Mike Schwartz, the team captain and Henry's best friend, realizes he has guided Henry's career at the expense of his own; college president Guert Affenlight, a longtime widower, falls unexpectedly and dangerously in love; and his daughter, Pella, returns to Westish after escaping an ill-fated marriage, determined to start a new life. Written with boundless intelligence and filled with the tenderness of youth, The Art of Fielding is an expansive, warm-hearted novel about ambition and its limits, about family and friendship and love, and about commitment - to oneself and to others.
Ik wilde The Art of Fielding graag lezen, omdat het een boek over de sport honkbal is. Een sport die hier niet bijster populair is – al is dat sinds het Nederlandse team in 2011 wereldkampioen werd vast wat verbeterd. Zo nu en dan kijk ik graag naar honkbal op ESPN, maar de finesses van het spel gaan nogal eens aan mij voorbij. Wellicht was mijn genot bij het lezen van dit boek nog groter geweest als ik echt heel ingevoerd was in het spel.
Dat neemt niet weg dat ik heb genoten van de manier waarop Harbach de lange en zware weg beschrijft die je moet bewandelen als je daadwerkelijk talent hebt en je wilt doorstoten naar de Major League. Dat vergt nogal wat opoffering, en vooral stalen zenuwen. De twijfels die bij Henry toeslaan als een worp voor het eerst in lange tijd mis gaat beschrijft Harbach bijzonder onderhoudend en wat mij betreft overtuigd.
De eerste helft van The Art of Fielding gaat grotendeels over het trainen voor en het spelen van honkbal. Er is echter meer. Het is een roman waarin de levens van vijf totaal verschillende personages steeds hechter met elkaar verweven worden, rondom het honkbalveld. Op het eerste gezicht hebben ze nauwelijks iets gemeen, maar aan het einde van de roman blijkt de een niet zonder de ander te kunnen bestaan. Dat is het meesterlijke van deze roman: dat je de roman sluit met het idee dat het allemaal klopt. Daarnaast is de roman vlot geschreven, met prettige dialogen. Het was een genot om deze roman te lezen, ook toen ik mijn verjaardag met dit boek heb doorgebracht op het balkon van ons hotel in Žabljak, Montenegro, omdat manlief ziek in bed lag.
Detail: ik ben deze roman begonnen te lezen bij aankomst in Montenegro. Een week lang is de roman netjes in de rugzak meegereisd, het hele land door. Toen we weer naar huis vertrokken was ik zo onder de indruk van het woeste berglandschap onder ons, dat ik na de landing op het vliegveld bij Belgrado het boek in het vliegtuig heb laten liggen. De stewardessen van vliegtuigmaatschappij JAT hebben voor de vorm bij het boarden van ons vliegtuig gezegd dat ze erachter aan zouden gaan, maar dat heeft niets opgeleverd. Gemaild – ook geen resultaat. Ik heb dus een ander exemplaar uit moeten lezen. Mijn advies: pas goed op je exemplaar als je het leest, want deze roman is het waard om gekoesterd te worden!
Chad Harbach op Wikipedia (Engels)
flickr
dinsdag 2 oktober 2012
vrijdag 28 september 2012
Florence Tonk | Blijf bij ons
Florence Tonk – Blijf bij ons. Amsterdam, Nieuw Amsterdam Uitgevers, 2010, 208 pagina's.
Emma verhuist met haar vriend naar Kiev, waar ze slecht kan aarden en haar relatie ziet verkruimelen. Als ze een datsja kopen op het Oekraïense platteland, besluit zij er in haar eentje te gaan wonen. Ze legt er een moestuin aan, gaat Engelse les geven en raakt gefascineerd door een geheimzinnig meisje met een aangrijpende geschiedenis.
Ook sluit Emma een innige vriendschap met de familie Boerjak. Maar dan komen er lastige vragen: hoort zij hier wel thuis? Waarom wil zij uitgerekend hier wonen, in dit modderige dorp vol oude vrouwen, dronkaards en een enkele achterblijver? Terwijl Emma steeds meer verbonden raakt met de kleine gemeenschap, raakt ze verstrikt in een liefdesaffaire en komt ze achter een duister geheim.
Blijf bij ons is een meeslepende roman over het verlangen naar overgave en de honger naar meer dan een leven vol voorzichtige compromissen. De zoektocht eindigt in een voormalig sovjetdorp dat nog altijd worstelt met de gevolgen van de geschiedenis.
Florence Tonk is dichter en freelancejournalist. Zij woonde in 2006 een jaar in Kiev. In datzelfde jaar publiceerde ze de dichtbundel Anders komen de wolven.
Blijf bij ons draait voor mij om de vraag of dat kan, als westerling 'een stap terugdoen' door je in een gesloten gemeenschap op het platteland van Oekraïne vestigen en daar vervolgens echt in de gemeenschap te worden opgenomen? Even lijkt het er in deze roman op dat dat kan, maar dan blijkt toch dat het niet kan. Op een nogal drastische manier.
Dat het niet kan, is niet verbazingwekkend. Je voelt dat als lezer al lang aankomen. En dat is dan ook mijn bezwaar tegen deze roman: het is nogal voorspelbaar. De vraag is alleen hoe het misgaat, en wanneer. Ook de aanleiding om op het platteland te gaan wonen – een relatie met de Nederlandse vriend waar de klad in komt – ligt nogal voor de hand.
Tonks beschrijving van Kiev en Oekraïne worden geprezen in recensies. Ik vond ze best aardig, maar niet bijzonder. Heb je weinig kennis van Oost-Europa, dan ervaar je dat ongetwijfeld anders.
Pluspunt is dat Blijf bij ons vlot geschreven is, en dat het daardoor lekker weg leest. Een aardig boek voor wie eens iets min of meer thrillerachtigs wil lezen, maar dan op een ongewone plaats.
Florence Tonk
flickr
Emma verhuist met haar vriend naar Kiev, waar ze slecht kan aarden en haar relatie ziet verkruimelen. Als ze een datsja kopen op het Oekraïense platteland, besluit zij er in haar eentje te gaan wonen. Ze legt er een moestuin aan, gaat Engelse les geven en raakt gefascineerd door een geheimzinnig meisje met een aangrijpende geschiedenis.
Ook sluit Emma een innige vriendschap met de familie Boerjak. Maar dan komen er lastige vragen: hoort zij hier wel thuis? Waarom wil zij uitgerekend hier wonen, in dit modderige dorp vol oude vrouwen, dronkaards en een enkele achterblijver? Terwijl Emma steeds meer verbonden raakt met de kleine gemeenschap, raakt ze verstrikt in een liefdesaffaire en komt ze achter een duister geheim.
Blijf bij ons is een meeslepende roman over het verlangen naar overgave en de honger naar meer dan een leven vol voorzichtige compromissen. De zoektocht eindigt in een voormalig sovjetdorp dat nog altijd worstelt met de gevolgen van de geschiedenis.
Florence Tonk is dichter en freelancejournalist. Zij woonde in 2006 een jaar in Kiev. In datzelfde jaar publiceerde ze de dichtbundel Anders komen de wolven.
Blijf bij ons draait voor mij om de vraag of dat kan, als westerling 'een stap terugdoen' door je in een gesloten gemeenschap op het platteland van Oekraïne vestigen en daar vervolgens echt in de gemeenschap te worden opgenomen? Even lijkt het er in deze roman op dat dat kan, maar dan blijkt toch dat het niet kan. Op een nogal drastische manier.
Dat het niet kan, is niet verbazingwekkend. Je voelt dat als lezer al lang aankomen. En dat is dan ook mijn bezwaar tegen deze roman: het is nogal voorspelbaar. De vraag is alleen hoe het misgaat, en wanneer. Ook de aanleiding om op het platteland te gaan wonen – een relatie met de Nederlandse vriend waar de klad in komt – ligt nogal voor de hand.
Tonks beschrijving van Kiev en Oekraïne worden geprezen in recensies. Ik vond ze best aardig, maar niet bijzonder. Heb je weinig kennis van Oost-Europa, dan ervaar je dat ongetwijfeld anders.
Pluspunt is dat Blijf bij ons vlot geschreven is, en dat het daardoor lekker weg leest. Een aardig boek voor wie eens iets min of meer thrillerachtigs wil lezen, maar dan op een ongewone plaats.
Florence Tonk
flickr
Labels:
23-09-2012,
28-09-2012,
Blijf bij ons,
e-book,
fictie,
Florence Tonk,
migrantenliteratuur,
Nederland,
Nederlands,
Oekraïne,
roman
zaterdag 15 september 2012
Eduard Kochergin | Christened With Crosses
Eduard Kochergin – Christened With Crosses: Notes taken on my knees. London, Glagoslav Publications, 2012, 226 pagina's. 2009 (1, Rusland).
Oorspronkelijke Russische titel: Крещенные крестами: записки на коленах, vertaald door Simon Patterson en Nina Chordas.
Orphaned when his parents are taken away as "enemies of the people", young Stepanych finds himself a ward of the Soviet state. He is miraculously rescued from a government orphanage in Nazi-besieged Leningrad, only to be placed in another children's institution in Siberia–a place of Dickensian attributes, where the leaders earn nicknames like Toad and Screwface, and where the young inmates are able to live their own lives only in secret, by night. Desperately longing for his native city and his Polish mother, Bronya, Stepanych flees the orphanage soon after the end of World War II.
This prizewinning memoir is the unforgettable story of a young boy’s dangerous, adventure-filled westbound journey along the railways of postwar Russia. Whether befriending a blind runaway, falling in with a gang of train burglars, witnessing an ancient beer-brewing ritual in a northern Russian village, learning the craft of fire-building from a Siberian hashish smuggler, or mastering the art of tattooing from a former Japanese War prisoner, Stepanych exhibits the resourcefulness and inner strength that allow him to triumph over peril and hardship. Most of all, this future artist hones the observant eye that will later enable him to vividly recount for his readers the several years of his long, obstacle-filled journey home.
Eduard Kochergin, geboren in de Sovjet-Unie in 1937, is een beroemde decorontwerper, die een groot gedeelte van zijn jeugd in kindertehuizen van de staat heeft doorgebracht. Hij kwam daar terecht nadat eerst zijn vader, een Rus, en later ook zijn moeder, een Poolse, werden gearresteerd. Kochergin kan zich alleen zijn moeder herinneren.
In Christened With Crosses beschrijft Kochergin dat wat hij zich herinnert van zijn jeugd: de idyllische tijd met zijn moeder, waarin hij alleen Pools leert spreken, zijn jaren in verschillende kindertehuizen van de staat en de lange reis vanuit Siberië naar het westen, met alle gevaren van dien. Het boek sluit af met de hereniging van Stepanych, Kochergins bijnaam in de kindertehuizen, met Bronya, zijn moeder, nota bene in het hoofdkwartier van de NKVD, in de Admiraliteit in de stad die toen Leningrad heette.
Verwacht van Christened With Crosses geen mooi aan elkaar geregen streng opgepoetste herinneringen. Kochergin springt van herinnering naar herinnering, de ene nog schrijnender dan de andere. De ondertitel van het boek, Notes taken on my knees kondigt dat al aan. Het resultaat is een fragmentarische verzameling herinneringen, waaruit, vind ik, toch een samenhangend beeld ontstaat van een intrigerend fenomeen: de bezprizorniki. Dit zijn kinderen die zonder toezicht van hun ouders opgroeien, vaak op straat, omdat hun ouders tijdens de Burgeroorlog of de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen, zoals in het geval van Kochergin, verdwenen zijn.
Volgens de achterflap beschrijft Kochergin Dickens-achtige taferelen in de kindertehuizen in de Sovjet-Unie tijdens en vlak na de Tweede Wereldoorlog. Omdat ik nooit iets heb gelezen van Dickens, kan ik dat niet bevestigen. Het is echter wel een ontluisterend en treurigmakend beeld dat Kochergin schetst van de kindertehuizen waarin Stepanych verblijft. Onderweg ontmoet Stepanych andere bezprizorniki en zowel welwillende als kwaadwillende volwassenen. Als je uitgaat van de totale greep van Stalins systeem op het leven van de burger is het een wonder dat Stepanych überhaupt aankomt in Leningrad, zonder ergens voorgoed te worden opgesloten.
Het onderwerp van Christened With Crosses greep me direct. De fragmentarische structuur werkte goed voor mij. Kochergin vertelt zijn verhaal over vastberaden volharding, hoe klein je kansen ook lijken, boeiend. Ik wist verder weinig van de bezprizorniki in de beschreven periode, direct na de Tweede Wereldoorlog, en dat maakt dat ik dit boek met bijzonder veel plezier heb gelezen. Kochergin won voor deze roman de National Beststeller Prize 2010.
Eén minpunt: er staat zoveel jargon in het boek, dat ik het erg jammer vind dat ik het boek in het Engels heb gelezen, en niet in het Russisch.
flickr
Oorspronkelijke Russische titel: Крещенные крестами: записки на коленах, vertaald door Simon Patterson en Nina Chordas.
Orphaned when his parents are taken away as "enemies of the people", young Stepanych finds himself a ward of the Soviet state. He is miraculously rescued from a government orphanage in Nazi-besieged Leningrad, only to be placed in another children's institution in Siberia–a place of Dickensian attributes, where the leaders earn nicknames like Toad and Screwface, and where the young inmates are able to live their own lives only in secret, by night. Desperately longing for his native city and his Polish mother, Bronya, Stepanych flees the orphanage soon after the end of World War II.
This prizewinning memoir is the unforgettable story of a young boy’s dangerous, adventure-filled westbound journey along the railways of postwar Russia. Whether befriending a blind runaway, falling in with a gang of train burglars, witnessing an ancient beer-brewing ritual in a northern Russian village, learning the craft of fire-building from a Siberian hashish smuggler, or mastering the art of tattooing from a former Japanese War prisoner, Stepanych exhibits the resourcefulness and inner strength that allow him to triumph over peril and hardship. Most of all, this future artist hones the observant eye that will later enable him to vividly recount for his readers the several years of his long, obstacle-filled journey home.
Eduard Kochergin, geboren in de Sovjet-Unie in 1937, is een beroemde decorontwerper, die een groot gedeelte van zijn jeugd in kindertehuizen van de staat heeft doorgebracht. Hij kwam daar terecht nadat eerst zijn vader, een Rus, en later ook zijn moeder, een Poolse, werden gearresteerd. Kochergin kan zich alleen zijn moeder herinneren.
In Christened With Crosses beschrijft Kochergin dat wat hij zich herinnert van zijn jeugd: de idyllische tijd met zijn moeder, waarin hij alleen Pools leert spreken, zijn jaren in verschillende kindertehuizen van de staat en de lange reis vanuit Siberië naar het westen, met alle gevaren van dien. Het boek sluit af met de hereniging van Stepanych, Kochergins bijnaam in de kindertehuizen, met Bronya, zijn moeder, nota bene in het hoofdkwartier van de NKVD, in de Admiraliteit in de stad die toen Leningrad heette.
Verwacht van Christened With Crosses geen mooi aan elkaar geregen streng opgepoetste herinneringen. Kochergin springt van herinnering naar herinnering, de ene nog schrijnender dan de andere. De ondertitel van het boek, Notes taken on my knees kondigt dat al aan. Het resultaat is een fragmentarische verzameling herinneringen, waaruit, vind ik, toch een samenhangend beeld ontstaat van een intrigerend fenomeen: de bezprizorniki. Dit zijn kinderen die zonder toezicht van hun ouders opgroeien, vaak op straat, omdat hun ouders tijdens de Burgeroorlog of de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen, zoals in het geval van Kochergin, verdwenen zijn.
Volgens de achterflap beschrijft Kochergin Dickens-achtige taferelen in de kindertehuizen in de Sovjet-Unie tijdens en vlak na de Tweede Wereldoorlog. Omdat ik nooit iets heb gelezen van Dickens, kan ik dat niet bevestigen. Het is echter wel een ontluisterend en treurigmakend beeld dat Kochergin schetst van de kindertehuizen waarin Stepanych verblijft. Onderweg ontmoet Stepanych andere bezprizorniki en zowel welwillende als kwaadwillende volwassenen. Als je uitgaat van de totale greep van Stalins systeem op het leven van de burger is het een wonder dat Stepanych überhaupt aankomt in Leningrad, zonder ergens voorgoed te worden opgesloten.
Het onderwerp van Christened With Crosses greep me direct. De fragmentarische structuur werkte goed voor mij. Kochergin vertelt zijn verhaal over vastberaden volharding, hoe klein je kansen ook lijken, boeiend. Ik wist verder weinig van de bezprizorniki in de beschreven periode, direct na de Tweede Wereldoorlog, en dat maakt dat ik dit boek met bijzonder veel plezier heb gelezen. Kochergin won voor deze roman de National Beststeller Prize 2010.
Eén minpunt: er staat zoveel jargon in het boek, dat ik het erg jammer vind dat ik het boek in het Engels heb gelezen, en niet in het Russisch.
flickr
zondag 9 september 2012
Casper Silk - Hotel Noir
Casper Silk – Hotel Noir. Smashwords Edition, 2012, 147 pagina's.
Welcome to the Hotel Noir, peerless gem of hospitality and sole holder of a Michelin star on the island of St. Germaine.
When the controversial American author Francis Stein is stabbed to death in the hotel’s environs, the search for his murderer takes islander Bat Manley north to the other half of Stein’s double life, south to St. Germaine’s vice-ridden slums, and finally into the realm of the psyche, where the blind see and the dead speak.
Hotel Noir is een roman waarin een mysterie wordt ontrafeld. Hoofdpersoon Francis Stein, een Amerikaanse schrijver, wordt vermoord op het tropische eiland waarop hij al jaren overwintert. Een lokale roddeljournaliste, Bat Manley, probeert erachter te komen wat er nu precies is gebeurd en wie er verantwoordelijk is voor Steins dood.
Zo kort samengevat klinkt de inhoud van deze roman als een overzichtelijk geheel. Dat is het echter niet. Silk heeft alle informatie die nodig zijn voor het ontrafelen van het mysterie zorgvuldig gedoseerd, waardoor het tot het einde van het boek onduidelijk blijft wat er nu precies gebeurd is. Daarnaast beschrijft Silk de rijke hotelgasten, de veel minder fortuinlijke eilandbewoners en het eiland zelf. Deze combinatie van mysterie en sociale kritiek zorgt voor een heel onderhoudende, bijzonder leesbare roman.
Naast het mysterie in de roman zelf, is er nog een tweede mysterie: Casper Silk is een pseudoniem van een bekende schrijfster. Wie dit pseudoniem gebruikt kan, volgens de aankondiging in het boek, nog niet onthuld worden. Dat vind ik jammer, want ik zou zeker meer willen lezen van deze schrijfster.
flickr
Welcome to the Hotel Noir, peerless gem of hospitality and sole holder of a Michelin star on the island of St. Germaine.
When the controversial American author Francis Stein is stabbed to death in the hotel’s environs, the search for his murderer takes islander Bat Manley north to the other half of Stein’s double life, south to St. Germaine’s vice-ridden slums, and finally into the realm of the psyche, where the blind see and the dead speak.
Hotel Noir is een roman waarin een mysterie wordt ontrafeld. Hoofdpersoon Francis Stein, een Amerikaanse schrijver, wordt vermoord op het tropische eiland waarop hij al jaren overwintert. Een lokale roddeljournaliste, Bat Manley, probeert erachter te komen wat er nu precies is gebeurd en wie er verantwoordelijk is voor Steins dood.
Zo kort samengevat klinkt de inhoud van deze roman als een overzichtelijk geheel. Dat is het echter niet. Silk heeft alle informatie die nodig zijn voor het ontrafelen van het mysterie zorgvuldig gedoseerd, waardoor het tot het einde van het boek onduidelijk blijft wat er nu precies gebeurd is. Daarnaast beschrijft Silk de rijke hotelgasten, de veel minder fortuinlijke eilandbewoners en het eiland zelf. Deze combinatie van mysterie en sociale kritiek zorgt voor een heel onderhoudende, bijzonder leesbare roman.
Naast het mysterie in de roman zelf, is er nog een tweede mysterie: Casper Silk is een pseudoniem van een bekende schrijfster. Wie dit pseudoniem gebruikt kan, volgens de aankondiging in het boek, nog niet onthuld worden. Dat vind ik jammer, want ik zou zeker meer willen lezen van deze schrijfster.
flickr
Labels:
05-09-2012,
09-09-2012,
Canada,
Casper Silk,
e-book,
Early Reviewers,
Engels,
fictie,
Hotel Noir,
roman
vrijdag 7 september 2012
Илья Бояшов | Кто не знает братца Кролика!
Илья Бояшов - Кто не знает братца Кролика!: Петербургская быль. Москва/Санкт-Петербург, Лимбус Пресс, 205 стр.
(Ilya Boyashov - Kto ne znaet bratca Krolika!: Peterburgskaya byl'. Moskva/Sankt-Peterburg, Limbus Press, 205 str.)
Бывают в истории моменты, когда грань между действительностью и фантастикой стирается, а в жизнь ничем не примечательных людей начинает прорываться ветер с той стороны реальности. Таким моментом было в России начало девяностых годов.
И кому как не Илье Бояшову - признанному мастеру философской притчи, легкой истории как бы о жизни, а как бы и о чем-то большем ("Путь Мури", "Армада", "Танкист, или "Белый тигр""), - писать об этом страшном и веселом времени?
Kto ne znaet bratca Krolika! is niet vertaald in het Nederlands. De titel betekent zoveel als 'Wie kent broer Konijn niet!'. Dat klinkt in Nederlandse oren lolliger dan het door de auteur bedoeld is, denk ik. Ongewild kondigt het toch wel een beetje aan dat deze roman weliswaar een serieus thema behandelt, maar dan op een wat lichtvoetige toon.
Het onderwerp is als volgt: een leraar van bijna middelbare leeftijd, Denis, – wellicht gebaseerd op de auteur zelf – raakt begin jaren '90 zijn baan in het onderwijs kwijt en moet op zoek naar andere bronnen van inkomsten. Hij woont in één huis met zijn moeder – die veel weg is – en zijn boertje en wil eigenlijk schrijver worden. Daartoe bezoekt hij wel literaire cafés, waar men uit eigen werk voordraagt, maar brood op de plank brengt deze onderneming niet.
Dan dient 'broer Konijn' (Krolik) zich aan. Krolik verdient op niet geheel eerlijke wijze, zo wordt gesuggereerd, zijn geld en hij biedt Denis een deal aan. Dat het uiteindelijk niets wordt met die deal, mag niet verbazen. We zijn dan echter wel 200 bladzijden vol hilarische situaties, die zich veelal alleen maar in die rare jaren 1990 in Rusland konden voordoen, verder.
Ik moest regelmatig denken aan de verhalen van Nikolay Gogol over Sint-Petersburg, waarin het vreemde, het magische van die stad wordt benadrukt. Boyashov doet dat ook, maar hij beschrijft het Sint-Petersburg van de wilde jaren '90. Een wereld van verschil, maar niet minder boeiend voor de lezer – zeker als je in die jaren in de stad hebt verbleven.
Typerend voor Boyashov: hij beschrijft een scene waarbij Krolik met zijn entourage en Denis met prostituees in een sauna zitten, pareren die dames de niet al te snuggere opmerkingen van de heren met citaten van Ploutarchos. Het vermakelijkst vond ik toch de personages die ronddwalen in de kelders waar de literaire cafés worden gehouden. Onderlinge nijd, opwinding over de gedeclameerde woorden – heerlijk!
Kto ne znaet bratca Krolika! is een onderhoudend, grappig boekje over een moeilijke periode in de moderne Russische geschiedenis. Tegelijkertijd behandelt het een belangrijke vraag: tot hoever kun je je grenzen verleggen om geld te verdienen?
Илья Бояшов | Танкист, или "Белый тигр"
Илья Бояшов | Конунг
Илья Бояшов | Путь Мури
flickr
(Ilya Boyashov - Kto ne znaet bratca Krolika!: Peterburgskaya byl'. Moskva/Sankt-Peterburg, Limbus Press, 205 str.)
Бывают в истории моменты, когда грань между действительностью и фантастикой стирается, а в жизнь ничем не примечательных людей начинает прорываться ветер с той стороны реальности. Таким моментом было в России начало девяностых годов.
И кому как не Илье Бояшову - признанному мастеру философской притчи, легкой истории как бы о жизни, а как бы и о чем-то большем ("Путь Мури", "Армада", "Танкист, или "Белый тигр""), - писать об этом страшном и веселом времени?
Kto ne znaet bratca Krolika! is niet vertaald in het Nederlands. De titel betekent zoveel als 'Wie kent broer Konijn niet!'. Dat klinkt in Nederlandse oren lolliger dan het door de auteur bedoeld is, denk ik. Ongewild kondigt het toch wel een beetje aan dat deze roman weliswaar een serieus thema behandelt, maar dan op een wat lichtvoetige toon.
Het onderwerp is als volgt: een leraar van bijna middelbare leeftijd, Denis, – wellicht gebaseerd op de auteur zelf – raakt begin jaren '90 zijn baan in het onderwijs kwijt en moet op zoek naar andere bronnen van inkomsten. Hij woont in één huis met zijn moeder – die veel weg is – en zijn boertje en wil eigenlijk schrijver worden. Daartoe bezoekt hij wel literaire cafés, waar men uit eigen werk voordraagt, maar brood op de plank brengt deze onderneming niet.
Dan dient 'broer Konijn' (Krolik) zich aan. Krolik verdient op niet geheel eerlijke wijze, zo wordt gesuggereerd, zijn geld en hij biedt Denis een deal aan. Dat het uiteindelijk niets wordt met die deal, mag niet verbazen. We zijn dan echter wel 200 bladzijden vol hilarische situaties, die zich veelal alleen maar in die rare jaren 1990 in Rusland konden voordoen, verder.
Ik moest regelmatig denken aan de verhalen van Nikolay Gogol over Sint-Petersburg, waarin het vreemde, het magische van die stad wordt benadrukt. Boyashov doet dat ook, maar hij beschrijft het Sint-Petersburg van de wilde jaren '90. Een wereld van verschil, maar niet minder boeiend voor de lezer – zeker als je in die jaren in de stad hebt verbleven.
Typerend voor Boyashov: hij beschrijft een scene waarbij Krolik met zijn entourage en Denis met prostituees in een sauna zitten, pareren die dames de niet al te snuggere opmerkingen van de heren met citaten van Ploutarchos. Het vermakelijkst vond ik toch de personages die ronddwalen in de kelders waar de literaire cafés worden gehouden. Onderlinge nijd, opwinding over de gedeclameerde woorden – heerlijk!
Kto ne znaet bratca Krolika! is een onderhoudend, grappig boekje over een moeilijke periode in de moderne Russische geschiedenis. Tegelijkertijd behandelt het een belangrijke vraag: tot hoever kun je je grenzen verleggen om geld te verdienen?
Илья Бояшов | Танкист, или "Белый тигр"
Илья Бояшов | Конунг
Илья Бояшов | Путь Мури
flickr
vrijdag 24 augustus 2012
Silvia Avallone | Staal
Silvia Avallone - Staal. Amsterdam, De Bezig Bij, 2010, 351 pagina's.
Oorspronkelijke Italiaanse titel: Acciaio, vertaald door Manon Smit.
De dertienjarige Anna en Francesca wonen in hetzelfde appartementencomplex in Piombino, een klein industriestadje aan de Italiaanse kust met uitzicht op het eiland Elba. Elba is voor de rijken en toeristen, en onbereikbaar voor het gewone volk dat zijn brood verdient in de plaatselijke staalfabrieken. De meisjes zijn vanaf hun vroege jeugd onafscheidelijk, maar op de drempel van volwassenheid moeten zij afscheid nemen van hun zo vertrouwde leven en begint alles te draaien om hun verlangen als vrouw bewonderd te worden. In hun troosteloze arbeiderswijk proberen Anna en Francesca hun ontluikende seksualiteit uit te buiten om de bedrukte sfeer thuis te ontvluchten. Dan komt op een dag de liefde uit een onverwachte hoek, waardoor de onoverwinnelijke vriendschap tussen Anna en Francesca op losse schroeven komt te staan.
Silvia Avallone beschrijft op uiterst gevoelige wijze de levens van twee opgroeiende meisjes die gevangen zitten tussen conflicterende emoties van liefde en rivaliteit. Een nieuwe Italiaanse stem, een jonge schrijfster die door haar psychologische scherpzinnigheid een verpletterende indruk achterlaat.
Tot bladzijde 70 heb ik het weten te rekken met dit boek. Toen heb ik het opgegeven. Ik begrijp wel dat het boek niet alleen over erotische aantrekkingskracht en (verlangen naar) seks gaat, maar de stukken tot bladzijde 70 waarin die onderwerpen werden behandeld stonden me zo tegen, dat de eventuele andere kwaliteiten van het boek niet meer tot me doordrongen. Die zullen er toch wel moeten zijn, voor anderen in ieder geval. Je belandt immers niet zo maar op een shortlist voor een literaire prijs. Maar, zoals gezegd: ik heb ze niet gezien.
Silvia Avallone op Wikipedia (Duits)
flickr
Oorspronkelijke Italiaanse titel: Acciaio, vertaald door Manon Smit.
De dertienjarige Anna en Francesca wonen in hetzelfde appartementencomplex in Piombino, een klein industriestadje aan de Italiaanse kust met uitzicht op het eiland Elba. Elba is voor de rijken en toeristen, en onbereikbaar voor het gewone volk dat zijn brood verdient in de plaatselijke staalfabrieken. De meisjes zijn vanaf hun vroege jeugd onafscheidelijk, maar op de drempel van volwassenheid moeten zij afscheid nemen van hun zo vertrouwde leven en begint alles te draaien om hun verlangen als vrouw bewonderd te worden. In hun troosteloze arbeiderswijk proberen Anna en Francesca hun ontluikende seksualiteit uit te buiten om de bedrukte sfeer thuis te ontvluchten. Dan komt op een dag de liefde uit een onverwachte hoek, waardoor de onoverwinnelijke vriendschap tussen Anna en Francesca op losse schroeven komt te staan.
Silvia Avallone beschrijft op uiterst gevoelige wijze de levens van twee opgroeiende meisjes die gevangen zitten tussen conflicterende emoties van liefde en rivaliteit. Een nieuwe Italiaanse stem, een jonge schrijfster die door haar psychologische scherpzinnigheid een verpletterende indruk achterlaat.
Tot bladzijde 70 heb ik het weten te rekken met dit boek. Toen heb ik het opgegeven. Ik begrijp wel dat het boek niet alleen over erotische aantrekkingskracht en (verlangen naar) seks gaat, maar de stukken tot bladzijde 70 waarin die onderwerpen werden behandeld stonden me zo tegen, dat de eventuele andere kwaliteiten van het boek niet meer tot me doordrongen. Die zullen er toch wel moeten zijn, voor anderen in ieder geval. Je belandt immers niet zo maar op een shortlist voor een literaire prijs. Maar, zoals gezegd: ik heb ze niet gezien.
Silvia Avallone op Wikipedia (Duits)
flickr
Labels:
20-08-2012,
24-08-2012,
Acciaio,
fictie,
Italië,
Manon Smit,
Nederlands,
openbare bibliotheek,
roman,
Silvia Avallone,
Staal
maandag 20 augustus 2012
Christel van Bourgondië | Het raadsel van witte vlinder
Christel van Bourgondië | Het raadsel van de witte vlinder. Tilburg, Zwijsen, 2006, 214 pagina's.
Christel van Bourgondië schreef voor het kinderboekenabonnement Leesleeuw drie boeken over een barre tocht van Rusland naar Nederland. Ze staan nu samen in deze dikke omnibus.
Katja blijft staan. Ze grijpt me vast om niet te vallen, haar ogen strak op de stam van een dikke eik gericht. Ze loopt op de boom af en maakt een kommetje van haar handen. Het kommetje legt ze op de stam. 'Een wonder,' fluistert ze. 'Een wit vlindertje in een herfststorm.'
Met dit verhaal ga je tweehonderd jaar terug in de tijd. Michael en zijn familie reizen van Rusland naar de Lage Landen. Het is een verre, moeilijke reis. Michael en zijn zus raken hun ouders kwijt.
Onderweg komen ze allerlei mensen tegen, zoals het slangenmeisje Katja en de zonderlinge verenman, de wijze Taver en Sasja en de paardenknecht. Kan de raadselachtige witte vlinder hun de weg naar Zaandam wijzen?
V., acht jaar, bracht dit boek mee voor ons om te lezen. Want het ging immers over Rusland en Nederland, dus dat zouden we vast wel leuk vinden. Zelf was ze gestopt met lezen na een bladzijde of zestig, omdat ze er niets meer van begreep.
Ik kan me dat wel een beetje voorstellen. Het perspectief wisselt met ieder hoofdstuk naar een ander personage. Als je acht bent en je nog moet concentreren op de moeilijke Nederlandse en Russische woorden die in het boek gebruikt worden, is dat misschien een beetje te veel van het goede.
Het raadsel van de witte vlinder is echter wel een heel aardig kinderboek, juist vanwege de literaire kunstgreepjes. En ook omdat de schrijfster probeert kinderen iets van het verdwenen Rusland te laten zien. Het resultaat is een spannend verhaal, met een vleugje spanning en mystiek. De tekst wordt begeleid door mooie tekeningen. V. had gelijk: ik vond het leuk om te lezen.
flickr
Christel van Bourgondië schreef voor het kinderboekenabonnement Leesleeuw drie boeken over een barre tocht van Rusland naar Nederland. Ze staan nu samen in deze dikke omnibus.
Katja blijft staan. Ze grijpt me vast om niet te vallen, haar ogen strak op de stam van een dikke eik gericht. Ze loopt op de boom af en maakt een kommetje van haar handen. Het kommetje legt ze op de stam. 'Een wonder,' fluistert ze. 'Een wit vlindertje in een herfststorm.'
Met dit verhaal ga je tweehonderd jaar terug in de tijd. Michael en zijn familie reizen van Rusland naar de Lage Landen. Het is een verre, moeilijke reis. Michael en zijn zus raken hun ouders kwijt.
Onderweg komen ze allerlei mensen tegen, zoals het slangenmeisje Katja en de zonderlinge verenman, de wijze Taver en Sasja en de paardenknecht. Kan de raadselachtige witte vlinder hun de weg naar Zaandam wijzen?
V., acht jaar, bracht dit boek mee voor ons om te lezen. Want het ging immers over Rusland en Nederland, dus dat zouden we vast wel leuk vinden. Zelf was ze gestopt met lezen na een bladzijde of zestig, omdat ze er niets meer van begreep.
Ik kan me dat wel een beetje voorstellen. Het perspectief wisselt met ieder hoofdstuk naar een ander personage. Als je acht bent en je nog moet concentreren op de moeilijke Nederlandse en Russische woorden die in het boek gebruikt worden, is dat misschien een beetje te veel van het goede.
Het raadsel van de witte vlinder is echter wel een heel aardig kinderboek, juist vanwege de literaire kunstgreepjes. En ook omdat de schrijfster probeert kinderen iets van het verdwenen Rusland te laten zien. Het resultaat is een spannend verhaal, met een vleugje spanning en mystiek. De tekst wordt begeleid door mooie tekeningen. V. had gelijk: ik vond het leuk om te lezen.
flickr
Abonneren op:
Posts (Atom)
