vrijdag 16 maart 2012

Mauri Paasilinna | De heremiet van de Roittorug

Mauri Paasilinna – De heremiet van de Roittorug: En meer Finse verhalen. Groningen, Wilde aardbeien, 2010, 112 pagina's.
Vertaald uit het Fins door Fleur van Groen, Nettie Jansen, Ernst Kal, Gerard Reijerse en Päivi Schot.

In De heremiet van de Roittorug. En meer Finse verhalen zijn twaalf korte verhalen bijeengebracht van de Finse auteur Mauri Paasilinna (1947). Mauri Paasilinna is de jongste in het zeven kinderen tellende kunstenaarsgezin Paasilinna, zijn broers Arto, Erno en Reino verdienden eveneens hun sporen als schrijver.

De verhalen van Mauri Paasilinna spelen zich af in het landschap van de tunturi’s, de typische bergen in het Finse Lapland. Dit grenzeloze landschap, dat zich uitstrekt over Finland, Rusland, Noorwegen en Zweden, trekt allerlei vreemdelingen aan: Italianen, Duitsers, Helsinkiërs. De ontmoeting tussen de inwoners van Lapland en de vreemdelingen leidt tot absurde, trieste en humoristische voorvallen. De confrontatie met het woeste en ledige landschap brengt de 'bezoekers' uit evenwicht. Losgeslagen en ver van alles, onder een winterse middaghemel zonder zon, of tijdens de midzomernacht, wanneer de zon niet ondergaat, verliezen bekende bakens hun betekenis. De natuurbeschrijvingen en de beschrijvingen van de ontreddering van de stadsmens zijn juweeltjes, versierd met een diadeem van ironie en mededogen.



Van Finland weet ik, na een verblijf van een week in Helsinki in 2010, een heel klein beetje. Van Lapland weet ik vrijwel niets. Dat is waarom ik ooit voor mezelf heb opgeschreven dat ik eens iets van Mauri Paasilinna moest proberen te lezen. En dat werd De heremiet van de Roittorug, omdat dat voorhanden was in de bibliotheek.

De heremiet van de Roittorug is een bundel korte verhalen, die alle gesitueerd zijn in Lapland. De natuur in Lapland is een constante in de verhalen in de bundel. Daarnaast beschrijft Paasilinna vooral het contrast tussen de inwoners van Lapland en de 'vreemden', die korter of langer in Lapland zijn. Zij komen vaak onvoorbereid – denk aan inwoners van Helsinki, die in de winter komen maar niet eens deugdelijke winterkleding bij zich hebben – of zij zien de natuur in Lapland wlechts als een plek waar zij aan hun gerief kunnen komen – denk aan een stel Duitsers, dat per se eieren uit een nest wil halen, dat hen wordt getoond door een Lapse gids.

Paasilinna schrijft met humor. Zijn personages zijn niet altijd even aangepast aan de moderne Finse maatschappij, zoeken vaak bewust de eenzaamheid van een bestaan buiten de maatschappij op. Paasilinna’s humor is wrang, omdat er regelmatig geen ontkomen lijkt aan weer een noodlottige afloop van het verhaal.

Deze laatste zinnen van het titelverhaal raakten me bijzonder:

Waar ga je heen als de woestenij te benauwd wordt om te wonen? Vlucht je verder de wildernis in? Of probeer je de grens over te komen naar het oosten? Zijn er in de grensbeekjes nog steeds stalen netten? Is er geen ander alternatief? Tanno laadde zijn pistool en richtte. [bladzijde 68]

Ze raakten me, omdat je hier de gevolgen van het ingrijpen van de mens ziet: het Russische gedeelte van Lapland ligt zo dichtbij, maar is tegelijkertijd zo ver weg en onbereikbaar, vanwege de grensversperringen dat de drang naar alleen zijn van de heremiet toch beknot wordt.

Uit ieder verhaal spreekt liefde van de schrijver voor Lapland, voor de mensen die er wonen en de schrijvers bezorgdheid over waar het naartoe moet met de natuur en de dorpen die er nog zijn, maar ontvolkt raken. Het smaakt naar meer – meer lezen en hopelijk, ooit, zelf die plek bezoeken.

flickr

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen